maart 2008
bk indoor cadetten/scholieren, 2 maart 2008
2 vertegenwoordigsters op dit BK. Weinig? Ja, maar bij gebrek aan meer atleten binnen deze rangen, valt dit ook logisch te noemen. Gelukkig waren er dus onze Diepenbeekse cadetten.
Marisa Vanheusden deed het meer dan goed op de 200m. In haar reeks finishte ze 3e in 27”35. Goed voor een nieuw persoonlijk record. En omdat haar oude PR (27”68) ook het clubrecord was, verbeterde ze dat dus ook.
En bij zo’n prestatie hoort dan misschien ook een woordje uitleg van iemand op afstand.
Een 12e tijd op 27 deelneemsters, daar mag je al mee naar huis komen. Maar Marisa is ook een eerstejaars cadet, ze werd 6e van haar jaar (dat telt natuurlijk niet echt, maar ’t is wel een feit, of in dit geval: een prestatie.
Eerstejaars, dat heeft meerdere implicaties. Bv.:
- voor ’t eerst een 200m op het programma, want die afstand bestaat niet in de jeugdcategorieën.
- voor ’t eerst ook wedstrijden in de Topsporthal (en nieuw is altijd leuk, maar ook altijd onbekend).
Met andere woorden: je moet door een leerproces. Marisa’s eerste confrontatie met de Gentse mondobaan zorgde al voor een knap PR en CR (28”32). En wanneer we de uitslagen goed gevolgd hebben, dan liep ze dit indoorseizoen 3x een 200m en verbeterde ze telkens haar PR (en dus CR). Van 28”32 naar 27”35, dat is een mooi leerproces.
En iets in ons zegt dan dat het meisje veel in haar mars heeft. In de voorbereiding op het indoorseizoen was ze niet te beroerd om een paar LCC-crossen te betwisten. “En dan?”, denkt u? Wel, dat is een goed teken: als niet-afstandsloopster toch aan een brede basis werken, dat werpt z’n vruchten af. En die basis wordt vaak vergeten. Dat is één facet.
Facet twee: het bochtenwerk indoor is een kunst, zeker (en vooral) op de 200m. En iets zegt ons dat er daar nog veel aan te werken valt.
Facet drie: die eerstejaars zijn een goede lichting. De helft van de finale op de 200m bestond uit meisjes van ’94. Goeie concurrentie zorgt altijd voor een duwtje in de rug. En niet alleen op Belgisch niveau, ook op Limburgs niveau is die 200m voor cadetten een kwalitatief goed nummer: 6 deelneemsters gisteren, dat is een, voor Limburg, zeer goed cijfer (en brons voor Kimberley Efonye van atla, ook van ’94). Facet vier: het zelfbesef en de zelfkennis. Dat komt met de jaren, en hoe beter je jezelf kan inschatten, hoe beter je traint, hoe beter je prestaties.
Het ziet er goed uit voor Marisa’s zomer in ieder geval. Minder scherpe bochten, hopelijk eens wind in de rug. En vooral het zelfbesef dat ze vooruitgang boekt en zal boeken. We duimen in ieder geval voor een zorgeloze voorbereiding!
Naomi Croes was onze 2e atlete. 10m20 met de kogel en een knappe 7e plaats. Ook bij het verspringen een degelijke prestatie: 5m04 en plaats 6. 5m04, in de buurt van haar PR (5m12), iets dat ze graag gebroken zou hebben. Maar, het kan niet alle dagen feest zijn, en Naomi heeft er al een knappe winter opzitten met verschillende medailles, PR’s en CR’s.